Tandimplantaten

  • voor solitaire tandvervanging
  • voor kroon-en brugwerk
  • voor overkappingsprothese (klikgebit)

Tandimplantaten

Wanneer u een tand of kies verliest, is vervanging de directe oplossing, vooral als het een voortand betreft.

Indien één gebitselement, inclusief de wortel ontbreekt, wordt de kroon vastgezet op een tandwortelimplantaat. Het implantaat vormt de basis voor een kroon. Deze methode heeft geen gevolgen voor de gezonde, aangrenzende tanden en/of kiezen.

Als u meerdere tanden verliest is een brug op implantaten een mogelijkheid. Hierbij dient niet elk verloren element te worden vervangen door een implantaat.

Als u geen tanden meer hebt maar een kunstgebit kan een overkappingsprothese op 2 of 4 implantaten een goede oplossing zijn om de prothese duidelijk meer houvast te geven. Een vaste brug op implantaten is een andere mogelijkheid en een vaste oplossing.

Tandwortelimplantaten bieden veel voordelen:

  • Tandwortelimplantaten worden al meer dan veertig jaar door tandheelkundige professie beschouwd als een succesvolle en betrouwbare methode voor hedendaagse tandvervanging.
  • Ze functioneren als uw eigen tandwortel. U voelt geen verschil.
  • Gemaakt van weefselvriendelijke materialen. Daardoor worden ze door uw lichaam geaccepteerd.
  • Uw implantaat kan werkelijk uw leven lang meegaan met de juiste verzorging en goede mondhygiëne.
  • Minimale ingreep. De naastgelegen gezonde tanden en/of kiezen worden niet beschadigd. In tegenstelling tot de behandeling met conventionele bruggen is het niet nodig om de naastgelegen gezonde gebitselementen te slijpen. De behandeling gebeurt onder lokale verdoving en is niet pijnlijk.
  • Het natuurlijke bot wordt behouden en verder botverlies wordt geminimaliseerd dankzij botstimulatie. Het kaakbot blijft hierdoor actief en slinkt minimaal. Dit is een van de belangrijkste voordelen.
  • Stabiel en comfortabel, na plaatsing zijn geen aanpassingen nodig.

Kan het bij iedereen?

Bij een eerste consult zal de kaakchirurg beoordelen of er voldoende bot aanwezig is om een implantaat aan te brengen.
Zowel breedte als hoogte van het kaakbot is hierbij belangrijk. De hoogte is in de bovenkaak bepaald door de positie van de sinussen of neusbodem. In de onderkaak wordt dit bepaald door het verloop van de zenuw in de kaak. Een implantaat is in principe quasi steeds mogelijk maar af en toe dient wat extra bot te worden aangebracht.

Behandelingen
Behandelingen
Behandelingen
Behandelingen